Ontslagvergoedingen bij loopbaanvermindering wegens zorg voor kind: toch soms op voltijds loon berekenen

                                                                                                 28-36 -2020 -  3 juli - 3 september

Problemen met de weergave van dit bericht? Klik hier om het, mogelijk zelfs in een geactualiseerde versie, in een webbrowser te openen. 

   In deze SoCompact

  1. een uitspraak van het Hof van Cassatie over de berekeningsbasis van de opzeggings- en beschermingsvergoeding bij loopbaanvermindering voor de zorg voor een kind,
  2. een overzicht van de sociaalrechtelijke wetgeving gepubliceerd tijdens de vakantie.  

1. Ontslagvergoedingen bij loopbaanvermindering wegens zorg voor kind: toch soms op voltijds loon berekenen

 

 

Net vóór de gerechtelijke vakantie gooide het Hof van Cassatie met een arrest van 22 juni nog een bommetje in een problematiek die al eerder herhaaldelijk aan bod kwam in SoCompact: vormt het loon voor volledige prestaties dan wel het verminderd loon de basis voor de berekening van de ontslagvergoedingen wanneer een werknemer op het ogenblik van het ontslag wegens verminderde prestaties geen voltijds loon meer ontvangt? De vraag rijst met betrekking tot de opzeggingsvergoeding, maar ook voor de vergoeding die verschuldigd is bij miskenning van een ontslagverbod. 

Het antwoord luidt: naargelang van de reden van de vermindering van de prestaties worden ontslagvergoedingen berekend op voltijds dan wel op deeltijds loon. In een vorige aflevering vindt u een overzicht: SoCompact 45-2019

Daaruit blijkt dat vooral het Grondwettelijk Hof zich daarover al bij herhaling heeft uitgesproken. Maar het Grondwettelijk Hof kan enkel oordelen of de wettelijke bepalingen die daarover handelen, al dan niet strijdig zijn met de Grondwet. Het komt het Hof van Cassatie toe ze te interpreteren en ze te toetsen aan hogere normen, zoals die van het Europees recht.

In het hieronder nader aangewezen arrest oordeelt het Hof van Cassatie dat de ontslagvergoedingen berekenen op basis van het loon dat overeenstemt met de verminderde prestaties, in strijd kan zijn met het discriminatieverbod op grond van geslacht wanneer een aanzienlijk hoger aantal vrouwen dan mannen kiest voor een vermindering om te zorgen voor een kind van hoogstens acht jaar (de statistieken gepubliceerd door het Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen, een van de eisende partijen in de zaak, tonen aan dat de werknemers die van dat systeem gebruik maken, voor 94,77 procent vrouwen zijn, voor 5,3 procent mannen). Dat is volgens het Hof het geval als het verschil in behandeling tussen mannelijke en vrouwelijke werknemers niet verantwoord wordt door objectieve elementen die vreemd zijn aan iedere discriminatie op grond van geslacht. Zijn die er niet, dan is sprake van indirecte discriminatie (zie Sociaal Compendium Arbeidsrecht 2019-2020, nr. 2374).  

Het Hof van Cassatie komt tot die conclusie op basis van artikel 157 van het verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, dat het beginsel vooropzet van gelijk loon voor gelijkwaardig werk voor mannen en vrouwen. Volgens het Europees recht zijn opzeggings- en beschermingsvergoedingen inderdaad loon.  

Het Hof onderstreept dat telkens in concreto moet worden onderzocht of er objectieve elementen vreemd aan elke geslachtsdiscriminatie zijn, die het onderscheid tussen mannen en vrouwen verantwoorden. Zijn die er niet, dan moeten ontslagvergoedingen worden berekend op het loon voor volledige prestaties.  

Over de vraag wat dergelijke objectieve elementen zouden kunnen zijn, spreekt het Hof van Cassatie zich niet uit. Dat het de eigen keuze is van de betrokkenen, een motief vermeld in het arrest van het arbeidshof Bergen dat vernietigd werd, lijkt alvast niet in aanmerking te komen. 

 Willy van Eeckhoutte.

 BRON: Cass. 22 juni 2020, S.19.0031.F

 

2. Overzicht sociaalrechtelijke wetgeving 

In de voorbije weken is nogal wat sociaalrechtelijke wetgeving verschenen in het Belgisch Staatsblad. De maatregelen in de strijd tegen het corona-virus nemen daarbij een grote plaats in. In de onderstaande tabel krijgt u een overzicht van de maatregelen die voor u van belang zouden kunnen zijn.

 

COVID-19 gerelateerde maatregelen

Bijzondere-machtenbesluit nr. 37 van 24 juni 2020

cao’s kunnen elektronisch worden ondertekend en neergelegd

in geval van schorsing van de arbeidsovereenkomst omwille van tijdelijke overmacht door COVID-19 mag de WG het werk niet uitbesteden aan derden of aan studenten

er is een ‘quarantaineattest’ ingevoerd voor de arbeidsgeschikte WN die in quarantaine wordt geplaatst

de formulieren voor gezondheidsbeoordeling worden verlengd tot 30 september 2020

de sociale inspectiediensten zijn bevoegd voor toezicht op de naleving van de COVID-19 maatregelen

de niet-naleving van de COVID-19 maatregelen wordt bestraft door het Sociaal Strafwetboek met een sanctie van niveau 2

KB 15 juli 2020

de uitgestelde sociale verkiezingen zullen plaats vinden tussen 16 en 29 november 2020

Wet 15 juli 2020

de periode om te beslissen over te gaan tot elektronisch stemmen is verlengd tot X+56

KB 15 juli 2020

verlenging tot 31 december 2020 van de corona-maatregelen op het vlak van tijdelijke werkloosheid voor de uitzonderlijk hard getroffen ondernemingen en sectoren

KB 15 juli 2020

schorsing in 2020 van de mogelijkheid tot indienen van aanvragen voor subsidies voor projecten gericht op de preventie van burn-out en uitstel voor lopende projecten

KB 15 juli 2020

verlenging tot 31 december 2020 van de verhoogde uitkering in het kader van tijdelijke werkloosheid

KB 15 juli 2020 (papieren cheque)

 

Wet 31 juli 2020 (elektronische cheque)

de voorwaarden waaronder de consumptiecheque vrijgesteld wordt van RSZ-bijdragen zijn wettelijk vastgelegd

MB 22 augustus 2020

WG uit sectoren bouw, schoonmaak, land- en tuinbouw moet specifieke COVID-19 maatregelen nemen bij tijdelijk beroep op buitenlandse WN of zelfstandige

KB 22 augustus 2020    

de tijdelijke uitbreiding van het overbruggingsrecht voor zelfstandigen is (deels) verlengd tot 31 oktober of 31 december 2020, al naargelang het geval

Andere sociaalrechtelijke maatregelen

BVR 19 juni 2020

vanaf 1 september 2020 : Vlaamse aanmoedigingspremie bij 1/10-ouderschapsverlof

KB 15 juli 2020

de wet van 12 juni 2020 waarbij de herziene Detacheringsrichtlijn in België wordt omgezet, is uitgevoerd; er is voorzien in een gemotiveerde kennisgeving wanneer detachering langer duurt dan 12 maanden

 

Ester Van Oostveldt en Ann Taghon.

 

Ann Taghon.

 

Vragen over de hierboven vermelde onderwerpen? Stel uw vraag aan SoConsult. Om een vraag te stellen aan SoConsult moet je niet betalen.  Betalen hoeft pas als je een voorstel van prijs en termijn hebt gekregen en daarmee akkoord gaat.

  

Ondanks alle zorg die aan deze nieuwsbrief is besteed, blijven vergissingen mogelijk. De auteur en het advocatenkantoor Van Eeckhoutte, Taquet & Clesse kunnen daarvoor echter geen aansprakelijkheid aanvaarden. 

 

 

 

 

 

 

 

 

Archief

Gebruik het zoekvenster bovenaan rechts om te zoeken in de vorige afleveringen(vanaf 1 januari 2018).

Klik hier voor de afleveringen van voor 1 januari 2018.


Inschrijven

Vorige artikels


Andere kanalen

>