Fietskoeriers met te weinig ritten. Legaal?

 De Morgen zaterdag 11 mei 2019, p. 8

Nemen wij gemakshalve aan dat Deliverookoeriers werknemers zijn (veel moeite moeten wij overigens niet doen om ook zonder veronderstelling tot dat besluit te komen).

Is het dan juridisch koosjer dat zij per rit worden betaald en in sommige gevallen aan geen behoorlijk inkomen kunnen geraken?

Het antwoord luidt: dat hangt af van wat is overeengekomen.

Stukwerk en -loon

De wet legt niet de verplichting voor het meten van de arbeid met het oog op het bepalen van het loon gebruikt te maken van tijdseenheden. Die meting kan vanzelfsprekend in een van de meeteenheden die de Loonbeschermingswet als mogelijkheden vermeldt: lengte-, vlakte-, inhouds- of volume-eenheden (art. 19, eerste lid). Maar niets verbiedt voor het bepalen van het loon van een werknemer andere eenheden te gebruiken, zoals een rit.

Wij hebben dan te maken met een vorm van stukwerk en stukloon.

Hoeveel stuks?

Hoeveel stuks een stukwerker kan afleveren, hangt meestal af van een combinatie van zijn capaciteiten en inspanningen enerzijds, een overeengekomen aantal uren anderzijds: wat is het resultaat van de arbeid verricht per dag, week of maand.

Maar de omvang van de arbeid moet niet noodzakelijk in tijdseenheden worden uitgedrukt. De partijen bij een arbeidsovereenkomst kunnen ook bedingen dat de werknemer de opdrachten zal uitvoeren die hem worden aangeboden (zie ook: Nul verboden uren voor nulurencontracten).

Minimumloon

Geldt dan geen minimumloon? Toch wel, het sectorale of minimumloon of het interprofessioneel gemiddeld minimum maandinkomen moet worden nageleefd.

Als dat in een uurloon is uitgedrukt, moet de duurtijd van de ritten in uren worden omgezet. Is het minimumloon in een maandbedrag uitgedrukt, dan moet worden nagegaan hoeveel uren de fietskoerier aan de ritten besteedt.

Moet de koerier zich tijdens bepaalde periodes van de dag of de nacht op een bepaalde plaats ter beschikking houden, dan moet ook de wachttijd op de opgelegde plaats als arbeidstijd worden aangemerkt.

Het minimaal te betalen loon wordt dan berekend op basis van de som van het aantal uren van de ritten en die van de wachttijd-ter-plaatse.

Als het resultaat daarvan te laag uitvalt om van dat inkomen te kunnen leven, dan is er geen juridische grond om meer te vorderen. Een collectieve actie om een hoger uurloon te verkrijgen, zoals die waarvan sprake in het krantenartikel, is dan de aangewezen weg.

Willy van Eeckhoutte

 

Uw sociaalrechtelijke vragen over werken via deelplatformen beantwoordt SoConsult graag.

 

 

Archief

Gebruik het zoekvenster bovenaan rechts om te zoeken in de vorige afleveringen(vanaf 1 januari 2018).

Klik hier voor de afleveringen van voor 1 januari 2018.


Inschrijven

Vorige artikels


Andere kanalen

>