WikiSoc

Op naar de 28-urenweek?

Een déjà lu 

De Morgen, donderdag 5 januari 2018, p. 4 

Ergens heb ik dat al gelezen, dacht ik, toen mijn oog viel op bovenstaand krantenartikel: arbeidstijdvermindering om te zorgen voor kinderen, ouderen of zieken, met een compensatie van 200 euro voor loonverlies en recht op terugkeer in een voltijdse betrekking na twee jaar.

 En ja hoor, mijn bronnen zijn:

Ouderschapsverlof

Het eerste koninklijk besluit geeft voltijds tewerkgestelde ouders (o.m.) het recht gedurende een periode van 20 maanden zijn arbeidsprestaties deeltijds verder te zetten in de vorm van een vermindering met 1/5 (art. 2, 3de gedachtestreepje, KB1).

Die werknemer ontvangt een onderbrekingsuitkering (art. 10 KB1) en dus een compensatie voor het loonverlies. Dat bedraagt sinds 1 juni 2017, laat ik maar een beetje tendentieus het geval nemen van de alleenstaande ouder, 186,71 of 225,92 euro, zegge en schrijve ongeveer 200 euro (art. 8 KB 2 januari 1991 betreffende de toekenning van onderbrekingsuitkeringen).

 Een recht op terugkeer in de functie na afloop is voorzien in de alternatieve ouderschapsverlofregeling van de CAO nr.  64 (art. 14, § 1). Het KB van 29 oktober 1997 bevat geen dergelijke bepaling, maar het lijdt weinig twijfel dat de arbeidsovereenkomst opnieuw voltijds wordt uitgevoerd na het verstrijken van de periode waarin de werknemer gebruik heeft gemaakt van zijn recht op ouderschapsverlof in de vorm van vermindering met 1/5. 

Zorgverlof

Het tweede koninklijk besluit regelt het zogenaamde zorgverlof. Dat omvat voor voltijdse werknemers o.m. het recht hun voltijdse arbeidsprestaties te verminderen met 1/5 of de helft voor het verlenen van bijstand of verzorging aan een gezinslid of een familielid tot de tweede graad dat lijdt aan een zware ziekte.

 Het recht op vermindering van de arbeidsprestaties is in beginsel beperkt tot maximum 24 maanden per patiënt, eventueel te nemen in aaneensluitende periodes van minimum één, maximum drie maanden, tot de 2 jaar bereikt zijn (art. 6).

De compensatie voor het loonverlies als gevolg van de arbeidstijdsvermindering met 1/5, gebeurt ook hier in de vorm van een onderbrekingsuitkering. Het bedrag daarvan is, andermaal voor alleenstaande ouders, hetzelfde, nl. ongeveer 200 euro art. 6 § 3, art. 8 § 2bis en art. 8bis KB 2 januari 1991 betreffende de toekenning van onderbrekingsuitkeringen).

 Het recht op terugkeer in de voltijdse betrekking is gewaarborgd door het feit dat het gaat om een tijdelijke vermindering van arbeidsprestaties binnen dezelfde arbeidsovereenkomst. 

België is Duitsland niet

 Ik weet het, 4/5 van 38 uur is een paar uur meer dan de Duitse 28 uur en de twintig maanden van het ouderschapsverlof zijn (net) geen twee jaar. De 2OO euro compensatie valt ook niet ten laste van de werkgever, maar van de werkloosheidsverzekering. 

 

Maar toch...

 “Een revolutionair idee” zeggen experten. Voor Duitsland misschien. “Binnenkort doordruppelen of –sijpelen naar ons land”? Het bestaat in België! Al tien jaar en langer!

 Toegegeven, voor ploegenarbeiders (nog?) niet. De loonverhoging van zes procent ook niet.

Inschrijven

Vorige artikels

Andere blogs

>