Uitstel van vakantiegeldgenot

 De Standaard, dinsdag 26 mei 2020, p. 27

 

 

Voor heel wat ondernemingen valt de betaling van het vakantiegeld aan bedienden dit jaar zwaar. In bovenstaand artikel in De Standaard wijst Geert Vermeir van SD Worx terecht op de speelruimte die de wet biedt, althans wat het dubbel vakantiegeld betreft: wie zal durven betwisten dat de vakantie die een bediende wat later op het jaar neemt, deze keer zijn “hoofdvakantie” was, want dat is het betalingstijdstip voor het dubbel vakantiegeld dat de wet vooropstelt (art.  45 Uitvoeringsbesluit Jaarlijksevakantiewet). Met hoofdvakantie was in 1967, want zo oud is die bepaling al, ongetwijfeld bedoeld het ogenblik waarop de bediende het grootste aantal aaneengesloten vakantiedagen neemt. Maar meer dan een halve eeuw later en in volle coronacrisis vind ik het niet onredelijk dat men daaraan de inhoud geeft van de vakantiedagen waarvan men het meest tracht te genieten omdat het de laatste van het jaar zijn…   

Praten 

 Geert Vermeir geeft werkgevers in geldnood de raad te gaan praten met de vakbonden of met de bank. Dat is natuurlijk nooit een slecht idee, maar ik voeg eraan toe: ga ook eens praten met de werknemer of met de werknemers. Ik licht toe wat ik daarmee bedoel. 

Akkoorden over het betalingstijdstip van het vakantiegeld 

Vakantiegeld is opeisbaar op het ogenblik dat het moet worden betaald. 

 Voor een bediende is dat, wat het enkel vakantiegeld betreft, het ogenblik waarop hij vakantie neemt, want het enkel vakantiegeld bestaat in de doorbetaling van het loon op de gewone datum (art. 45 Uitvoeringsbesluit Jaarlijksevakantiewet).  

Het dubbel vakantiegeld van een bediende moet, zoals al gezegd, betaald worden op het ogenblik waarop die zijn “hoofdvakantie” neemt. 

Instemming achteraf  

Vanaf die tijdstippen heeft de dwingende werking van de bepalingen van de vakantiewetgeving haar beschermend effect gehad en is de werknemer vrij overeenkomsten te sluiten over of afstand te doen van zijn rechten. Zo zou hij geheel of gedeeltelijk van het vakantiegeld kunnen afzien.  

Is dat wellicht moeilijk te “verkopen” (hoewel: de piloten van Brussels Airlines boden zelfs aan afstand te doen van 45 % van hun loon) een betalingsuitstel toestaan is dat misschien al wat minder.  

Juridisch is het dus perfect mogelijk dat een bediende zich akkoord verklaart met een latere betaling van het vakantiegeld dan in de wet is bepaald. Als dat maar na het wettelijk betalingstijdstip gebeurt. 

Geldige instemming  

Het akkoord van de werknemer moet natuurlijk rechtsgeldig gegeven zijn, wat onder meer en vooral veronderstelt dat het zonder dwang tot stand kwam. Vakbondsbijstand kan in ieder geval mogelijke twijfel daaromtrent wegnemen. Maar echt noodzakelijk is die niet. 

Bewezen instemming  

Het akkoord van een bediende met uitstel van betaling van het vakantiegeld kan natuurlijk in een geschreven overeenkomst of “verklaring van afstand” van het wettelijk betalingstijdstip worden vastgelegd. Maar de uitwisseling van een paar e-mails kan al volstaan als bewijs. 

Individuele of collectieve instemming  

Is het sluiten van individuele akkoorden een te groot karwei, bv. omwille van het aantal werknemers, dan kan de werkgever in deze aangelegenheid ook een akkoord sluiten met de collectiviteit van de bedienden. Daarmee bedoel ik dan niet een collectieve arbeidsovereenkomst, maar een “regeling op het vlak van de onderneming met de werknemers”. De wetgeving op de jaarlijkse vakantie is een van de uiterst zeldzame normgehelen, misschien wel het enige, waarin van die merkwaardige figuur wordt gesproken. Met een “regeling op het vlak van de onderneming getroffen tussen de werkgever en de werknemers” kunnen volgens die wetgeving de datum van de jaarlijkse vakantie en de eventuele verdeling van de vakantiedagen worden vastgelegd als daarover geen beslissing bestaat van het paritair comité of de ondernemingsraad, althans wanneer de onderneming geen vakbondsafvaardiging heeft (art. 63, tweede lid, Uitvoeringsbesluit Jaarlijksevakantiewet). 

Waarom zouden wij die figuur, als dat past, ook niet kunnen gebruiken voor een collectief akkoord over uitstel van betaling van het vakantiegeld? De werkgever stuurt dan de bedienden een e-mail met de vraag om hun akkoord met een uitstel van betaling van het (dubbel) vakantiegeld. Als de akkoordverklaringen binnenkomen na het tijdstip van de hoofdvakantie, zie ik juridisch geen probleem. Zelfs niet als er wel een vakbondsafvaardiging is, want dan komt de collectieve akkoordverklaring neer op evenzovele individuele akkoorden tussen werkgever en werknemer. Dat is trouwens ook het geval als niet alle bedienden hun akkoord betuigen: voor degenen die dat wel doen is er dan een individuele afstand van het recht zich op het voorbije wettelijk betaaltijdstip te beroepen.  

Te verregaand geredeneerd? Nee, zou ik zeggen. Laten wij de instrumenten van 1967 gebruiken op een eigentijdse manier. Wij kunnen niet nog eens vijftig jaar wachten, tot de regels zijn aangepast.

 

 Willy van Eeckhoutte  

Wil u hierover meer weten? Stel dan uw vraag aan SoConsult. Eerst na een prijsopgave en een planning beslist u of u betaalt.

Archief

Gebruik het zoekvenster bovenaan rechts om te zoeken in de vorige afleveringen(vanaf 1 januari 2018).

Klik hier voor de afleveringen van voor 1 januari 2018.


Inschrijven

Vorige artikels


Andere kanalen

>