Invloed schorsing opzeggingstermijn bij corona-werkloosheid op SWT-rechten

46-2021 - 12-18 november

In ondernemingen erkend als in moeilijkheden of in herstructurering kan van bepaalde SWT-regels afgeweken worden. SWT is, zoals u weet, de huidige benaming van het vroegere brugpensioen.

De (voor deze SoCompact relevante) afwijkingen hebben betrekking op:
  • de verplichting de SWT’er te vervangen door één of twee uitkeringsgerechtigde volledig werklozen,
  • de mogelijkheid tot inkorting van de opzeggingstermijn,
  • de mogelijkheid tot verlaging van de toegangsleeftijd voor het SWT tot minimum 60 jaar.

Om van die afwijkingen gebruik te kunnen maken, is onder meer vereist dat de opzeggingstermijn of de door de opzeggingsvergoeding gedekte periode van de betrokken ontslagen werknemer verstrijkt gedurende de periode van erkenning als onderneming in moeilijkheden of in herstructurering.

Bepaalde gevallen van schorsing van de arbeidsovereenkomst tijdens de opzeggingstermijn hebben evenwel een schorsend effect op het verloop van de opzeggingstermijn (zie Sociaal Compendium Arbeidsrecht 2021-2022, nr. 4397) en leiden dus tot een verlenging van die opzeggingstermijn. Als gevolg van die verlenging is het mogelijk dat de opzeggingstermijn eindigt na afloop van de periode van erkenning als onderneming in moeilijkheden of in herstructurering.

Om te verhinderen dat door de verlenging van de opzeggingstermijn geen gebruik kan gemaakt worden van de bovenvermelde afwijkingen, bepaalt het SWT-besluit dat voor de toepassing van de vermelde afwijkingen* geen rekening wordt gehouden met de verlengingen van de opzeggingstermijn die het gevolg zijn van een schorsing van de arbeidsovereenkomst op grond van de Arbeidsovereenkomstenwet.

Sinds 22 juni 2020 is de regel dat ook de tijdelijke werkloosheid overmacht-corona leidt tot een schorsing en dus verlenging van de opzeggingstermijn bij ontslagen gegeven voor of tijdens de periode van tijdelijke werkloosheid overmacht-corona (zie SoCompact nr. 26 - 2020). Om te vermijden dat de betrokken werknemers en werkgevers door die verlenging van de opzeggingstermijn de gunstige SWT-mogelijkheden zouden verliezen, bepaalt het SWT-besluit echter dat voortaan met de verlenging van de opzeggingstermijn omwille van tijdelijke werkloosheid overmacht-corona geen rekening wordt gehouden voor de toepassing van de vermelde afwijkingen*.

*Hoewel de wettelijke bepaling die de verlenging van de opzeggingstermijn neutraliseert (art. 18 § 5 SWT-besluit) enkel verwijst naar de eerste twee hierboven vermelde afwijkingen (vervangingsplicht en inkorting van de opzeggingstermijn), wijst alles erop dat die neutralisatie ook geldt voor de toepassing van de mogelijkheid tot verlaging van de toegangsleeftijd voor SWT tot 60 jaar. Zo verwees de neutraliserende bepaling uit het oude Brugpensioenbesluit naar de drie vermelde afwijkingen (zie art. 12 KB 7 december 1992) en vermeldt de aanhef van het wijzigingsbesluit dat het de bedoeling is de toegang tot het SWT te vrijwaren voor werknemers geconfronteerd met tijdelijke werkloosheid overmacht-corona.

Het koninklijk besluit dat voor deze aanpassing in de wetgeving zorgt, heeft uitwerking vanaf de datum van inwerkingtreding van de wet die zorgde voor het schorsend effect van de tijdelijke werkloosheid overmacht-corona op het verloop van de opzeggingstermijn, dit is 22 juni 2020.

Ester Van Oostveldt.

BRON: KB 7 oktober 2021 tot wijziging van het koninklijk besluit van 3 mei 2007 tot regeling van het stelsel van werkloosheid met bedrijfstoeslag (BS 16 november 2021)

Archief

Gebruik het zoekvenster bovenaan rechts om te zoeken in de vorige afleveringen(vanaf 1 januari 2018).

Klik hier voor de afleveringen van voor 1 januari 2018.


Inschrijven

Vorige artikels


Andere kanalen

>